Als het voetbalseizoen de ontknoping nadert, bereikt de spanning vele hoogtepunten. In vijf delen beschrijf ik welke mentale aspecten er bij een penalty komen kijken. Zo wordt sportpsychologie een stuk tastbaarder.  Dit is deel IV. 

‘Doe maar snel, dan ben je er vanaf.’ Iedereen heeft deze zin vast wel eens gehoord. Iemand anders zegt hem liefdevol tegen je, of hij gonst als een gedachte door je hoofd. ‘Er vanaf zijn’ suggereert dat een onplezierige activiteit, of een gevoel dat met deze activiteit gepaard gaat, snel achter de rug gelaten kan worden. Maar er huist een zekere mate van afraffelen in, omdat er wordt geïmpliceerd dat je snel weer terug kan naar je cocon van comfort.  

Het geeft een onbehaaglijk gevoel, dat moment vlak voor een penalty. Je moet scoren, en mag niet missen. Dat is logisch. Soms straalt het van de voetballer die hem gaat nemen af, soms ziet hij er uiterlijk onveranderlijk uit. Matige voetballers kunnen de koelste kikkers zijn en zonder probleem met het vervelende gevoel omgaan, en de beste spelers van de wereld kunnen liever kniezend bij moeder de vrouw in de armen liggen dan daar op dat moment te staan. Onmiskenbaar een van de beste voetballers op aarde was Zinedine Zidane, nu trainer van Real Madrid. Op het Europees Kampioenschap van 2004 mocht hij in de laatste minuut tegen Engeland een penalty nemen, waarbij een doelpunt een gegarandeerde zege zou betekenen. Letterlijk tien seconde voordat hij aanlegt leegt hij zijn gehele maaginhoud op het veld; hij besefte het gewicht van de actie. Het nare gevoel werd hier tastbaar.

Wanneer nare gevoelens opkomen, breekt het systeem dat hier constructief mee om kan gaan soms. In plaats van een oplossing te zoeken en de taak naar behoren uit te voeren proberen we te ontsnappen, oftewel: er snel vanaf te zijn. Voetballers die geneigd zijn penalty’s snel te nemen scoren daardoor beduidend minder vaak dan spelers die er hun tijd voor nemen. Zo ook Liverpool-legende Steven Gerrard. Hij zei over zijn gemiste penalty in de kwartfinale van het Wereld Kampioenschap van 2006 het volgende: ‘Why do I have to wait for the bloody whistle? Those extra couple of seconds seemed like an eternity, and they definitely put me off.’

Snel de penalty achter de rug hebben is een redelijke rechttoe-rechtaan-manier van ontsnappen aan de situatie. Er bestaat ook een ‘elegantere’ manier van ontsnappen: gewoon niet naar de situatie kijken, dan bestaat hij lekker niet, alsof je kiekeboe speelt met een baby. Spelers bereiden zich in dat geval voor op hun aanloop door met hun rug naar de keeper toe afstand te nemen van de bal, in plaats van de gangbare — en veel logischere — paar stappen naar achteren te zetten zodat ze ‘het gevaar’ te allen tijde zien. Zulk gedrag wordt een ‘vermijdingsmotivatie’ genoemd, en het treedt vaak op bij situaties waarin men negatieve uitkomsten probeert te vermijden –  in tegenstelling tot situaties waarin iemand een positief resultaat nastreeft.

Er zit een wezenlijk verschil tussen ‘deze penalty mag ik niet missen’ en ‘deze penalty moet ik scoren’. Het beoogde resultaat is in beide gevallen gelijk, maar in de psyche van de nemer zit een wereld van verschil. Het klassieke ‘denk niet aan een roze olifant’-voorbeeld illustreert dit mooi. Als ik die woorden tegen jou zeg, waar denk je dan aan? Juist, een roze olifant. Omdat je geen mentale voorstelling kan maken van het woord ‘niet,’ valt het weg in de zin. Wat overblijft is: ‘denk aan een roze olifant’. Dit principe kan op tal van momenten binnen – maar ook buiten – de sport  worden toegepast: ‘ik mag niet vallen in de volgende bocht’, ‘ik moet niet tegen die andere fietser opbotsen’, en natuurlijk, ‘ik mag deze penalty niet missen’. Deze gedachtes zijn vaak aanwezig vlak voor het doelbewuste moment, hierdoor ga je ze zelfs visualiseren. Je lichaam reageert daar op door zichzelf in staat van paraatheid te brengen van de gevisualiseerde gedachte: je valt, je botst, en je mist de penalty.  

Ik heb expres geen context gegeven bij de eerste zin van dit stuk (‘doe maar snel, dan ben je er vanaf’), zodat de eerste associatie die bij je opkwam niet door mij werd beïnvloed. Waar dacht je aan? En waarom daaraan? Gaf deze activiteit je een onaangenaam gevoel? Wanneer je nog een keer in eenzelfde situatie terechtkomt, probeer dan niet te ontsnappen. Ga de confrontatie aan, in plaats van de situatie te vermijden. Het nare gevoel is er, dat ga je niet veranderen. Dus omarm het, gebruik het. Kijk het gevaar aan in plaats van zijn blik te ontwijken. Zo laat je je actie slagen, in plaats van je actie niet te laten falen